‘Blik op bronnen’, deel 2: Aardwarmte

In de rubriek ‘Blik op bronnen’ weegt Polderwarmte de voors en tegens van warmtebronnen tegen elkaar af. Gezien de haast die er is met verduurzamen van onze warmte, komen alle duurzame warmtebronnen van pas voor de versnelling van de warmtetransitie. Op dit moment zijn er geen warmtebronnen zonder nadelen, maar is er wel actie nodig. Daarom kijken we met Polderwarmte in deze rubriek welke warmtebronnen haalbaar, betaalbaar en duurzaam zijn.

Wat is aardwarmte?

Aardwarmte (ook geothermie genoemd) wordt door velen gezien als een goed en duurzaam alternatief voor aardgas. In Nederland spreken we van Aardwarmte (of geothermie) vanaf een diepte van 500 meter en meer[1]. Hoe dieper hoe warmer het water (tot zo’n 130 graden). In bepaalde regio’s in Nederland kun je zogenoemde ‘watervoerende lagen’ in de bodem vinden. Dat zijn waterbronnen die diep in de grond liggen en verwarmd zijn door de aardkern. Pomp je dit water omhoog, dan heb je warm water waarmee je huizen, kassen en bedrijven kunt verwarmen. Een paar kilometer verderop wordt het afgekoelde water weer terug de aarde in gebracht met een zogeheten injectieput. Zo behoud je het evenwicht in de bodem. Samen worden deze putten een doublet genoemd. Bij zorgvuldige inrichting en benutting kan zo’n aardwarmtebron wel voor 30 tot 60 jaar voor constante warmte zorgen.

Er zijn ongeveer 20 aardwarmteprojecten in Nederland. Een klein deel is al gerealiseerd (vooral in de glastuinbouw) maar het merendeel, vooral voor woonwijken, is nog in ontwikkeling is. Ook de grond onder Haarlemmermeer en omgeving heeft veel potentie om aardwarmte te leveren. Polderwarmte is groot voorstander van aardwarmte, doet zelf ook onderzoek naar de mogelijkheden en helpt de regio daarop voorbereid te zijn.

Warmtenet
Aardwarmte is een erg geschikte bron voor in een warmtenet. Een collectief warmtenet heeft als voordeel dat er meer aansluitingen zijn en die zorgen dus samen voor een goed evenwicht tussen het warme en koude water in de bodem. Daarnaast moét aardwarmte afgenomen worden als de aansluiting er is. Je moet dus een warmtenet hebben voordat je aardwarmte omhoog haalt. Je kunt de ‘kraan’ niet dichtdraaien zonder schade te krijgen. Voor slechts één afnemer is dit vrijwel niet haalbaar. Een warmtenet met ongeveer 4000 woonequivalenten kan continu draaien op aardwarmte. Omdat aardwarmte dus constant aanwezig is, is een ander voordeel dat betaande warmtebronnen van het warmtenet afgebouwd kunnen worden (om vervolgens bijvoorbeeld alleen nog maar ingezet te worden als er piekvraag is of als back-up). Zoals in de inleiding al is vermeld: tot nu toe is er geen warmtebron zonder nadelen, dus kunnen kiezen tussen warmtebronnen brengt altijd voordelen mee.

Realisatie
De realisatie van een aardwarmteproject is zo’n 3 tot 5 jaar. Onze partner Warmtebedrijf Ede heeft na jaren voortraject deze zomer een opsporingsvergunning voor proefboringen naar aardwarmte verleend gekregen.  Binnen 4 jaar kan het Slimme Groene Warmtenet in Ede gebruik maken van deze aardwarmte en in dit geval bijvoorbeeld de inzet van biomassa, nu al afgebouwd worden. Polderwarmte volgt dit traject op de voet om zo in de toekomst ook aardwarmte op een succesvolle en vlotte manier in te koppelen in de warmtenetten van Haarlemmermeer en omgeving. De bodem onder Haarlemmermeer en omgeving heeft zeker potentie om aardwarmte te kunnen leveren.

Voordelen

  • Niet fossiel
  • Levert constante warmte
  • Weinig CO2-uitstoot
  • Is op korte termijn te realiseren (als er een warmtenet ligt)
  • Kan ook koude leveren voor de zomer

Nadelen

  • Kan uitgeput raken, meerdere doubletten nodig
  • Het boren geeft geluidsoverlast
  • Realisatie van doubletten vergt grote investeringen
  • Kans op grondwaterverontreiniging (risico is klein)
  • Kans op aardbevingen (minimaal)

[1] Warmte en koude uit de grond tot 500 meter diep noemen we bodemwarmte en zullen we later in een aparte “Blik op bronnen” bespreken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *