Overdimensionering, wat is dat?

Polderwarmte timmert druk aan de weg om de warmtetransitie in Haarlemmermeer en omgeving vorm te geven. Zo lopen er verschillende projecten waar we iedere keer kijken naar de haalbaarheid, betaalbaarheid en duurzaamheid van de warmteoplossing. Een aansluiting op ons warmtenet moet betaalbaar blijven voor de afnemer. Polderwarmte houdt de huidige vaste lasten als leidraad voor de kosten voor degene die in de toekomst bij ons willen aansluiten; of het nou gaat om een particulieren, bedrijven die warmte afnemen of bedrijven die warmte leveren. De maandelijkse inkomsten van het warmtebedrijf als het warmtenet eenmaal operationeel is, worden onder andere gebruikt voor servicekosten, research en development en voor onderhoud. Maar hoe start je een warmtebedrijf als je nog geen afnemers en dus geen maandelijkse inkomsten hebt? En hoe investeer je in een toekomstbestendig warmtenet? Uit het Warmtetrendrapport volgt dan ook dat voorinvestering de grootste beleidsmatige/economische uitdaging is voor nieuwe en bestaande warmtebedrijven.

[1]

Voorinvestering

Polderwarmte en partner Energie voor Elkaar maken eerlijke businesscases, afgestemd op de situatie in die wijk of gemeente. De voorinvestering is toch risicovol: er is een vollooprisico en de toekomst vraagt om antwoorden op het overdimensioneren. Het vollooprisico gaat over de kans dat er minder woningen aangesloten worden of dat het aansluittempo lager is dan doorgerekend, waardoor een warmtebedrijf niet uit de kosten komt. Terwijl het natuurlijk eigenlijk zou moeten gaan over het risico dat we onvoldoende tempo maken in het aanleggen van warmtenetten en het aansluiten van gebouwen om een goede bijdrage te kunnen leveren aan het behalen van de klimaatdoelstellingen. We moeten daarvoor overdimensioneren en grotere voorinvesteringen doen.

Overdimensioneren

Overdimensioneren is investeren in het warmtenet met het oog op uitbreiding. Zo moet leidingen bijvoorbeeld dikker zijn om in de toekomst dit warmtenet uit te breiden of andere warmtenetten hieraan te verbinden. Deze aanpassingen met het oog op de toekomst kosten extra voorinvesteringen, terwijl het warmtebedrijf niet weet of zij de partij zijn die mogen uitbreiden. De vraag is dan ook: voor wie zijn de extra kosten? In de huidige plannen zie je vaak dat leidingen te klein zijn gedimensioneerd. Bij uitbreidingen moeten nieuwe leidingen in de grond komen, wat vervolgens weer extra tijd en geld kost. De enige oplossing voor dit probleem is samenwerking, samenwerking tussen publiek en privaat. Zonder samenwerking zullen warmtebedrijven niet snel hoger inzetten dan economisch haalbaar is. Ook blijven zo voorbereidingen op eventuele uitbreidingen van het warmtenet, of koppelingen aan andere warmtenetten, voorlopig achterwege. Gemeentes schrijven, aangemoedigd door de verwachte insteek van de nieuwe warmtewet, helaas steeds vaker concessies uit waardoor concurrentie aangemoedigd wordt en samenwerkingen juist tegengaan worden. Op deze manier verhinderen we dat warmtenetten op elkaar aangesloten worden, terwijl juist door samenwerking de warmtetransitie haalbaar en betaalbaar blijft. Er is geen tijd en geld te verliezen in deze transitie, dus laten we nu inzetten op de toekomst.

[1] Nationaal Warmtetrendrapport 2021, p.19.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *